Kyoto norm
Met de ratificatie van het Kyoto-protocol, een proces dat werd afgerond in de loop van 2002, heeft ons land beloofd om de uitstoot van zes belangrijke broeikasgassen in de periode 2008-2012 aanzienlijk te verminderen ten opzichte van het basisjaar, zijnde 1990. In Kyoto, in december 1997, werd op wereldvlak een emissiedaling van 5,2% overeengekomen. Europa nam zich in Japan voor om de uitstoot van broeikasgassen met 8% terug te dringen. Eén jaar later engageerde België zich in Europees verband tot een inspanning van 7,5%.
Toch is het Kyoto-protocol nog steeds niet in werking. Dat gebeurt pas nadat 55 landen het protocol hebben aangenomen (intussen zijn het er 111) en op voorwaarde dat er voldoende industrielanden meedoen, die zijn samen goed zijn voor 55% van de totale CO2-uitstoot van die groep in 1990 (België telt voor 0,8% mee). Momenteel haalt de Kyoto-thermometer van de VN-conventie maar 44,2%. En omdat de Verenigde Staten (36,1%) niet mee willen doen, houdt Rusland (17,4%) de sleutel to Kyoto in de hand. Maar Rusland blijft twijfelen.
Ons land stevent af op een flink tekort voor de Kyoto-norm. België joeg in 2001 zo'n 150,2 megaton CO2-equivalent aan broeikasgassen de atmosfeer in. Die hoeveelheid komt overeen met bijna 106,4% van de emissies in het basisjaar. Tegen 2010 moet de uitstoot dalen tot 92,5%. Van de zes broeikasgassen die zijn opgenomen in het Kyoto-protocol, koolstofdioxide (C02), distikstofoxide (N2O), methaan (CH4) en drie fluorgassen HFC's, PFC's en SF6, is in ons land CO2 verantwoordelijk voor 83% van de totale uitstoot. Twee andere distikstofoxide en methaan zijn goed voor respectievelijk 8,8% en 7,2%. Het aandeel van de fluorgassen tenslotte is verwaarloosbaar klein.
Met een toename van zo'n 7 à 8% is CO2, ook de hoofdverantwoordelijke voor de stijgende trend van de totale emissies. Koolstofdioxide komt vooral vrij bij de verbranding van fossiele brandstoffen. Het energieverbruik is daarmee verantwoordelijk voor driekwart van alle broeikasgassen. De vier belangrijkste energieverbruikers in ons land zijn de industrie en de bouw (26%), de gezinnen en de bedrijven (22%), de elektriciteitsproductie (21%) en het verkeer (19%). De emissies van de industrie en de elektriciteitssector lagen in 2000 zo'n 5% lager dan in 1990. Bij gezinnen en bedrijven is er sinds 1990 sprake van een stijging met 11,6%. De sterkste groeier is evenwel het verkeer, met een toename van de CO2-uitstoot met 21,5% in tien jaar tijd.
Een prognose geven voor het jaar 2008 is nattevingerwerk. Te veel variabelen zijn niet in te calculeren. Zo was 1996 een "topjaar" voor de uitstoot van broeikasgassen omdat het een bijzonder koud jaar betrof en er bijgevolg meer energie werd verbruikt voor verwarming. Het energieverbruik is bovendien gerelateerd aan de conjunctuur en de economische groei. En onlangs melde Electrabel nog dat de CO2-uitstoot in de elektriciteitscentrales vorig jaar met liefst 12% is toegenomen vergeleken met 2001. Die forse stijging was te wijten aan het toegenomen gebruik van hoogovenas, een restproduct van de staalindustrie. Recente schattingen (van PriceWaterhouseCoopers en van het Federaal Planbureau) verwachten dat er in 2008 een kloof van 16 tot 23 megaton CO2-equivalent gaapt tussen de Kyotonorm (bepaald op 130,6 megaton) en de werkelijke situatie. In het eerste scenario is er sprake van een lichte daling van de emisies in de periode 2001-2008, in het tweede van een zeer geringe toename.
Bron: Metro juli 2003